Pasen is één van de belangrijkste christelijke feesten. Maar ook een feest met flink wat ‘vreemde’ bijverschijnselen: wat doen de paashaas en die paaseieren bijvoorbeeld in je tuin?
Met Pasen vieren de christenen wereldwijd feest. Ze vieren de opstanding van Jezus Christus. Volgens de Bijbel stierf Christus op Goede Vrijdag aan het kruis om vervolgens na drie dagen weer uit de dood op te staan. Christenen geloven dat Christus voor hun zonden is gestorven en door op te staan de zonden en de dood heeft overwonnen. Een ieder die in Christus gelooft en oprecht berouw heeft van zijn zonden mag zich er dan ook van verzekerd weten dat na de dood het eeuwige leven wacht.
Hazen
Wie kort voor Pasen een wandeling door de supermarkt maakt, ziet van dit christelijke feest echter weinig terug. In plaats daarvan overheersen de hazen en paaseieren. Uit de Bijbel komen ze zeer zeker niet, maar waar komen ze dan wel vandaan?
De paashaas
Het verhaal van de paashaas vindt zijn oorsprong in Duitsland, nog voordat het Christendom hier een rol speelde, zo vertelt onderzoeker en schrijver Kevin Shortsleeve, verbonden aan de Christopher Newport University. Het verhaal van de paashaas zou zijn oorsprong vinden bij de Teutonen: een Germaanse stam die in de laatste eeuw voor Christus van het wereldtoneel verdween. De stam hield er diverse mythes op na, waaronder verhalen omtrent de godin Ostara. Eén van deze verhalen vertelt hoe een klein meisje een gewond vogeltje vond. Ze bad tot Ostara om hulp. De godin kwam toegesneld. Ze zag dat het vogeltje er heel slecht aan toe was en veranderde het in een haas. Aan het meisje vertelde ze dat de haas voortaan één keer per jaar terug zou komen om gekleurde eieren te leggen.
Verschillende versies
In eerst instantie werden verhalen zoals deze van generatie op generatie doorverteld. Vandaar dat er ook verschillende versies van deze mythe rond gaan. Zo is er een andere versie waarin het kleine meisje geen rol speelt. In dit verhaal is Ostara de godin die ervoor zorgt dat de lente begint. Het verhaal gaat dat de godin in een bepaald jaar ietsje te laat was en de lente pas laat op gang kwam. Om haar fout enigszins goed te maken, besloot ze een jong vogeltje dat bijna door de kou bezweken was, te redden. Maar de kou had zijn werk al gedaan: het vogeltje kon niet meer vliegen. De godin veranderde de vogel daarop in een haas. De haas was één dag in het jaar in staat om eieren te leggen: op de dag waarop Ostara werd vereerd.
Opschrijven
Rond de vijftiende eeuw begonnen mensen de mythes – die onderling iets verschillen, maar wel tot dezelfde uitkomst leiden – een haas die eieren legt – op te schrijven. “En rond 1680 werd het eerste verhaal van een haas die eieren legt en ze in de tuin verstopt, gepubliceerd,” stelt Shortsleeve. Het verhaal zou aanleiding geven tot nieuwe tradities: Duitse kinderen legden hoedjes of mutsen in de tuin en op paasochtend waren deze gevuld met eieren. Duitse immigranten zouden het verhaal en de tradities die daarmee samen waren komen te hangen meegenomen hebben naar de VS. En daar namen ze de tradities graag over. Gaandeweg maakten de echte eieren daarbij plaats voor chocolade-eieren en ook begonnen paashazen gemaakt van suiker en chocolade op te duiken.